Vrij

Eva zat in de auto. De radio stond aan en meldde wateroverlast, ondergelopen tunnels, afgesloten rijstroken, kilometers file door het hele land. Na anderhalf uur had ze het helemaal gehad. Precies vier weken had ze lekker door kunnen rijden. De vier weken dat heel Nederland schoolvakantie had. De scholen waren weer begonnen, het regende, en bingo; het land stond weer vast. Twee uur rijden voor een stuk van 50 minuten. Dat wilde ze niet meer. Ze had er genoeg van om voor drie dagen werk een hele dag extra in de auto te zitten. Ze haatte autorijden. Het werd tijd om iets anders te zoeken.

Ze belde haar baas, nam een snipperdag en keerde om.

In de file terug liet ze haar gedachten de vrije loop. Wat zou ze gaan doen? Helemaal stoppen met werken, wat ze diep in haar hart graag wilde, was geen optie. Ze moest een basisinkomen houden, dat stond vast. De hypotheek moest betaald worden, de vaste lasten overgemaakt. En er moest ook nog worden gegeten en een beetje leuk vakantie gehouden. Een halve baan was het minimum. Ze werkte nu drie dagen per week. Ze kon een dag onbetaald verlof nemen en kijken of ze weer voor zichzelf kon beginnen, haar eigen praktijk weer opstarten, cursussen geven, of trainingen. Dat scheelde al reistijd.  En ze was weer eigen baas. Voor het eerst in een jaar voelde Eva zich vrij. Er kwam weer beweging in de situatie. En die andere twee dagen kwamen ook nog wel.