Opzij

Daar staan we; tegengehouden door een verkeersregelaar met een oranje vestje aan. Ho! Stop! Je mag niet verder! En waarom niet, als ik vragen mag? Nou gewoon, er wordt hier een halve marathon gelopen. Maar dan kunnen wij er toch wel even tussendoor? Er zitten hier en daar gaten tussen de lopers en wij zijn harstikke snel op die fiets. Nee mevrouw, daar kan ik echt niet aan beginnen. Als ik u verder laat gaan, dan moet ik anderen ook doorlaten en dan kunnen de lopers niet doen waar ze voor... Lees verder →

In de trein – vervolg

Manmoedig onderdrukt Hans zijn neiging om in Zaandam uit te stappen. Hij laat zich niet kisten, maar echt prettig voelt hij zich niet. Het raast nog altijd in zijn hoofd en zijn ademhaling verloopt hortend. Hij voelt zich hondsmoe en moet voortdurend gapen. Geërgerd veegt hij zijn natte haar uit zijn ogen. Dat gedonder. Wat was er nou helemaal gebeurd? Een deur die niet open kon en waar even naar gekeken moest worden. Nou en? Moest hij zich daarvoor zo aanstellen? Was hij nou een vent? Een meter vijfennegentig lang, honderd kilo schoon aan de haak, en dan zo kinderachtig? Hij voelt zich ronduit belachelijk en kijkt uit zijn ooghoeken naar zijn medepassagiers die kennelijk niets in de gaten hebben gehad en opgewekt verder praten. Duizenden mensen reizen iedere dag met een trein, waarom hij dan... Lees verder →

Powered by WordPress.com. door Anders Noren.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: